zaterdag 29 januari 2011

Over steentjes en wolken

Ik heb geleerd dat als je een hindernis wil vermijden, je ervan weg moet kijken en dat je je blik moet richten op de uitweg, niet op de beer op de weg. Soms echter, doe je zo hard je best om te vermijden dat je op de dikke beer daar op de weg knalt, dat je niets anders doet dan er naar te staren, gefixeert als een konijn dat gefascineerd door je koplampen op de knallende dood wacht.

Je kent dat gevoel. Je dag verloopt lekker kabbelend. De hemel is blauw, de zon verwarmt voorzichtig de aarde die nog rilt van de vrieskou. Ineens doemt er een kleine onozele gedachte op aan de horizon. Als een klein stom wolkje aan de einder. Je voelt ineens, dat als je niet oplet, die nietsbetekenende gedachte zich kan gaan stapelen tot een pyramide van onrust, alsof dat kleine vlokje cumulus een reusachtige donderwolk kan worden die hoog in de hemel stijgt en onderin donker wordt en hagelt en bliksemt.

Je vergeet het wolkje, maar je vergeet het bewust. En dus nestelt het zich.


De vervelende gedachte nestelt zich als een onaanzienlijk steentje zich kan verbergen in je schoen. Te klein om je fikse wandeling te stoppen, maar toch vervelend genoeg om de hele tijd zeurend aanwezig te zijn en het genot van het stappen in de wilde natuur te verknoeien. Het doet geen pijn, en als je het zou kunnen vergeten is het effect op je voet zelfs zo klein dat je het niet echt zou merken, maar het is er.


Je moet gewoon doorstappen, en lang genoeg, ver genoeg. Tot het steentje vergeten is en verdwijnt, net zoals dat wolkje aan de einder zonder het te merken is verdwenen. Is het aan de andere zijde van de hemel? Of is het opgelost door de opkomende zonnestralen? Of is het er nooit geweest.

Ik heb een steentje in mijn schoen en heb het zelf gezocht. Ik knijp de ogen dicht en stap fiks door en prent mezelf in een sterke jongen te zijn en niet kinderachtig te lopen mekkeren over een steentje dat in mijn verbeelding mijn voet aan stukken hakt, terwijl ik weet dat als ik zou stoppen, mijn schoen zou uittrekken en omdraaien, het dingetje amper met het blote oog waar te nemen is.

Ik heb een steentje in mijn schoen.
Had ik maar uit dat grind moeten blijven.

Aan de horizon lokt de avond en de slaap.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten